Een vergeten geloofsheldin

Geertruida Wijsmuller – Meijer (Alkmaar, 21-4 1896 – Amsterdam, 30-8-1978)

Het meisje met het rode haar, bekend als Hannie Schaft en familie ten Boom, of Schindler; allen bekend om moedige reddende liefde, waardoor vele Joden de holocaust hebben overleefd. Minder bekend is Truus (Geertruida) Wijsmuller maar net als Schindler werkte zij op bijzondere slimme en moedige wijze waardoor ze duizenden Joden kon helpen gered te worden van een wisse dood door de nazi’s.

 

Truus werd in Alkmaar geboren in een goed Nederlands Hervormd gezin. Ze woonde later in Amsterdam en trouwde daar met Joop Wijsmuller, bankier bij de Javasche Bank. Het waren er maar weinigen die durfden wat zij deed.

Adolf Eichmann, de SS-Obersturmführer en tweede man na Hitler, was verantwoordelijk voor de handhaving van het nazi-beleid van “de joodse emigratie” of wel de holocaust. Hij was daarmee verantwoordelijk voor miljoenen doden, een kille moordenaar. Maar in 1938 zou Truus het hoofdkantoor van de Gestapo in Wenen binnenlopen, het kantoor van Eichman binnenstappen en hem vertellen dat de Britse regering graag jongeren onder de 17 uit nazi-landen opnam voor een tijdelijk verblijf. Ze vroeg simpel en direct toestemming om 600 joodse kinderen van Oostenrijk naar Engeland te mogen vervoeren. Wow!

Truus kreeg toestemming om 600 joodse kinderen naar Engeland te brengen, op voorwaarde dat ze binnen vijf dagen vertrekken. Ondanks de bureaucratische problemen vluchtten de kinderen diezelfde week het land uit. Truus’ grote voordeel was dat ze een niet-jood was met toegang tot de nazi-machtsstructuur. Ze was de drijvende kracht waardoor het mogelijk was dat 10.000 kinderen te overtocht naar Engeland konden maken.

Joodse geredde kinderen uit de transporten van Europa. (Bron: Pamela Sturhoofd)

Gesteund door de leden van de kindercomités en haar connecties op hoge plaatsen, opereerde Truus vanaf 1938 in Duitsland en Oostenrijk, en verzamelde Joodse kinderen van wie de families wilden dat ze zouden onderduiken: uit Wenen, Frankfurt, Hamburg, Berlijn, Breslau en niet te vergeten Amsterdam. Al snel was huize Wijdmuller een onderduik-doorgeef huis voor kinderen. Vanaf Praag, Danzig en Konigsberg verlieten wekelijk 500 kinderen, verdeeld in groepen van ongeveer 150, naar de Nederlandse haven van Hoek van Holland, om op weg te gaan naar Engeland. Het laatste transport verliet Nederland via IJmuiden op 14 mei 1940, de dag dat Nederland zich overgaf aan de Wehrmacht.

Truus zou regelen dat deze kinderen naar Marseille zouden reizen, waar ze een overtocht naar Palestina konden boeken. Naast het begeleiden van vluchtelingen was ze ook betrokken bij het transport van medicijnen en voedsel naar de Franse kampen Gurs en St. Cyprien in de onbezette zone van Frankrijk.

In 1941 bepaalden de Duitsers dat joden tegen betaling van 50.000 Zwitserse frank Nederland mochten verlaten. Dit zorgde voor een nieuwe vluchtelingenstroom naar Zuid-Frankrijk en Spanje. Truus bood aan om deze groepen, nooit meer dan 35 tegelijk, met de trein van Amsterdam naar Brussel en verder naar Parijs en Zuid-Frankrijk te begeleiden.

Kijkend naar Denemarken, die 80-90% van hun Joodse volksgenoten uit de handen wisten te houden van de Nazis, hoeven wij als Nederland niet trots te zijn op het vaak lafhartige optreden van de overheid. Daar kwam nog bij dat zelfs het Nederlandse Rode Kruis Truus in februari 1941 beschuldigde van het bij zich hebben van vervalste identiteitspapieren, waardoor de toegang tot Vichy Frankrijk werd ontzegd, en waarom zij op 20 mei 1941 werd gearresteerd door de Gestapo. Ze werd vrijgelaten door gebrek aan bewijs, en wellicht door haar goede connecties. Truus kon niet zwijgend toekijken en zag weer mogelijkheden om voedselpakketten te organiseren voor de geïnterneerden in Westerbork, Bergen-Belsen, Theresienstadt en de gevangenissen in Amsterdam.

Ze werkte samen met een groep in de kerk en kon de groep via haar verzetseenheid van extra voedselbonnen voorzien. Op een dag in 1944 kreeg de kerkgroep bericht dat voedselpakketten voor 50 weeskinderen in Westerbork niet langer nodig waren, omdat de kinderen naar Auschwitz zouden worden vervoerd. Geschokt door de boodschap ging Truus naar de autoriteiten en slaagde erin de Duitsers ervan te overtuigen dat de weeskinderen “Arisch” waren en dat de kinderen een speciale behandeling kregen. In september 1944 werden ze eerst naar Bergen-Belsen en vervolgens naar Theresienstadt gestuurd, waar ze beter werden gevoed en gekleed dan de andere gevangenen. Na de oorlog, toen in mei 1945 de eerste trein vanuit Theresienstadt in Maastricht arriveerde, was Truus er om de kinderen te ontmoeten. Alle 50 hadden het overleefd.

Als erkenning voor haar heldhaftigheid hebben veel landen Geertruida Wijsmuller geëerd, maar Nederland bleef achter. Op 30 september 1948 ontving ze een Medaille van Dankbaarheid van de Franse Republiek; in mei 1957 werd ze in Bonn gehuldigd door het Duitse Rode Kruis; in 1959 ontving ze de Ster van Verdienste van de Orde van Sint-Joris van Antiochië.  Op 18 oktober 1966 erkende Yad Vashem Geertruida Wijsmuller-Meijer als Rechtvaardige onder de Volkeren. Dat jullie haar ook vandaag herinneren als heldin en voorbeeld.

Zie voor achtergronden van Truus Wijdmuller:

CategoryActueel
Write a comment:

*

Your email address will not be published.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

© 2020 Baptistengemeente Ichthus Alphen a/d Rijn